Na een geslaagde staaroperatie verwacht je weer helder te kunnen zien. Toch merken veel patiënten dat het zicht na verloop van tijd opnieuw waziger wordt. Dit verschijnsel heet nastaar en is een veelvoorkomend verschijnsel na staaroperaties. In dit artikel lees je precies wat er gebeurt, hoe je het herkent en wat je eraan kunt doen.

Belangrijkste punten

  • Nastaar is een vertroebeling van het achterste lenskapsel – het zakje eromheen waar de kunstlens in zit – en is meestal geen terugkeer van staar.
  • Nastaar komt voor bij een aanzienlijk deel van de patiënten: tot wel 35% binnen vijf jaar na de operatie.
  • Nastaar kan worden behandeld met een korte laserbehandeling die doorgaans pijnloos en poliklinisch is, met snel herstel van het zicht.
  • Nastaar is geen complicatie, maar een natuurlijk proces dat ontstaat doordat restcellen in het kapsel zich vermenigvuldigen.
  • Bij nieuwe of verergerende klachten na een staaroperatie moet je altijd een oogarts raadplegen.

Wat is nastaar precies?

Nastaar is een veelvoorkomend verschijnsel dat maanden tot jaren na een staaroperatie of lensvervanging kan optreden. Het gaat daarbij niet om een probleem met de nieuwe kunstlens zelf, maar om een vertroebeling van het achterste deel van het lenskapsel.

Tijdens een staaroperatie wordt de troebele natuurlijke lens verwijderd en wordt een nieuwe kunstlens in het heldere kapsel geplaatst. Dit kapsel – je kunt het zien als een dun zakje eromheen – blijft bewust intact om de lens op zijn plaats te houden. Na de operatie kunnen er echter restanten van lenscellen in het kapsel achterblijven. Deze cellen kunnen na genezing gaan groeien en zich vermenigvuldigen, waardoor ze een ondoorzichtig laagje veroorzaken op de achterwand van het kapsel. Zo wordt het lenszakje troebel door groei van lenscellen.

In de oogheelkunde heet dit proces posterior capsule opacification (PCO). Nastaar is dus geen “mislukte operatie” en geen terugkerende staar, maar een bekende, late verandering die in de meeste gevallen eenvoudig te behandelen is.

Hoe en wanneer ontstaat nastaar?

Nastaar treedt niet direct na de medische ingreep op. Het ontstaat geleidelijk nadat het oog volledig is genezen van de staaroperatie.

Concreet ontstaat nastaar doordat achtergebleven lenscellen langzaam over het achterste lenskapsel groeien en daar een dun, troebel laagje vormen. Bij sommige mensen is dit al na 6 maanden merkbaar, bij anderen pas na 5 tot 10 jaar. Uit een groot onderzoek onder ruim 500.000 staaroperaties bleek dat nastaar bij ongeveer 4,4% na één jaar en bij circa 34% na vijf jaar optreedt. Nastaar kan dus enkele maanden tot jaren na de operatie ontstaan.

Factoren die een rol kunnen spelen zijn onder meer jongere leeftijd, bepaalde oogafwijkingen en het type kunstlens. Toch is het vaak niet precies te voorspellen bij wie nastaar optreedt. Het verschijnsel kan ook voorkomen na een lensvervangende behandeling, zoals refractieve lensuitwisseling – het mechanisme is in alle gevallen vergelijkbaar.

Nastaar is op zichzelf meestal niet gevaarlijk, maar het kan wel hinderlijk zijn. Bij nastaar is het zicht vaak weer minder scherp, wat merkbaar is in het dagelijks leven.

Symptomen van nastaar

De symptomen van nastaar lijken sterk op de klachten die je had vóór de staaroperatie. Nastaar veroorzaakt opnieuw wazig zicht na een staaroperatie, en de klachten beginnen meestal langzaam en geleidelijk. Nastaar kan aanvoelen alsof je door een beslagen ruit kijkt.

Typische symptomen zijn:

  • Geleidelijk waziger zien en minder scherp beeld
  • Verminderde gezichtsscherpte en contrastgevoeligheid
  • Hinderlijke schitteringen en kringen rond lichtbronnen, vooral bij fel licht
  • Verblinding door tegenliggers bij autorijden in het donker
  • Meer moeite met lezen of het herkennen van kleine lettertjes
  • Schaduwbeelden of een sluierig gevoel over het beeld

Veel mensen denken dat de staar terug is gekomen, maar daar is geen sprake van. Het gaat om nastaar: de kunstlens is nog steeds helder, maar het troebel lenskapsel erachter zorgt ervoor dat je slechter ziet. Mensen met nastaar worden gevoeliger voor licht en zien minder scherp.

Nastaar geeft meestal geen pijn of roodheid. Als die klachten wél plotseling optreden, is het zaak om zonder twijfel direct een oogarts te raadplegen – dat kan op iets anders wijzen.

Hoe wordt nastaar vastgesteld?

Een optometrist, opticien of huisarts kan de eerste signalen van nastaar herkennen, maar de definitieve diagnose wordt door een oogarts in een ziekenhuis of polikliniek gesteld.

Het onderzoeken van nastaar verloopt doorgaans als volgt: de oogarts meet je gezichtsscherpte, beoordeelt de kunstlens en het kapsel met een spleetlamp, en gebruikt eventueel oogdruppels om de pupil te verwijden. Zo kan de arts goed het achterste deel van het kapsel beoordelen. Meestal is bij het eerste bezoek al duidelijk of het wazige zicht door nastaar komt of door een andere oorzaak, zoals netvliesproblemen of droge ogen.

Het is belangrijk om niet zelf te blijven doormodderen met een nieuwe bril. Als je na je staaroperatie merkt dat het zicht weer achteruitgaat, laat dan altijd een controle doen. Het onderzoek is snel, pijnloos en vraagt geen uitgebreide voorbereiding – je kunt verwachten dat het in één polikliniekbezoek gebeurt.

Hoe wordt nastaar behandeld (laserbehandeling)

Nastaar wordt meestal behandeld met een YAG-laser. Dit is de standaard nastaar behandeling die wereldwijd wordt toegepast. Een YAG-laserbehandeling is zeer veilig met lage risico’s.

Het verloop van de behandeling ziet er als volgt uit:

  1. Je meldt je op de polikliniek, waar de oogarts eerst een controle doet.
  2. Je krijgt oogdruppels om de pupil te verwijden en het oog te verdoven.
  3. Je neemt plaats achter de laserlamp (vergelijkbaar met een gewoon oogonderzoek).
  4. De oogarts maakt met korte laserimpulsen een klein gaatje in het troebele achterste lenskapsel, zodat er een kleine opening ontstaat.
  5. De laserstraal maakt zo’n opening gemaakt in het kapsel, waardoor licht weer ongehinderd naar het netvlies kan.

Een laserbehandeling duurt 5 tot 10 minuten per oog. De behandeling maakt een klein gaatje in het lenszakje en vereist geen snede, hechtingen of narcose. De behandeling van nastaar is doorgaans pijnloos. Nastaar kan slechts één keer per oog behandeld worden, omdat de opening in het kapsel permanent is.

Een persoon zit achter een oogheelkundig apparaat in een fel verlichte behandelkamer, waar een oogarts een nastaar behandeling uitvoert. De laser maakt een kleine opening in het achterste lenskapsel om de vertroebeling te verwijderen, zodat de patiënt weer scherp ziet.

Herstel, risico’s en nazorg

De meeste mensen merken binnen enkele uren tot dagen dat het zicht weer helderder wordt en je weer scherp ziet. Direct na de behandeling kun je tijdelijk wazig beeld ervaren door de oogdruppels en gevoeligheid voor fel licht. Ook kunnen enkele zwevende vlekjes (floaters) optreden als restjes van het kapsel worden verwijderd.

Praktisch nazorgadvies:

  • Rijd niet zelf auto op de dag van de behandeling
  • Gebruik een zonnebril bij fel licht
  • Gebruik voorgeschreven ontstekingsremmende oogdruppels volgens schema

De risico’s zijn klein, maar niet afwezig. Mogelijke bijwerkingen zijn:

Bijwerking Hoe vaak?
Tijdelijk verhoogde oogdruk Komt soms voor
Lichte ontsteking in het oog Kan optreden
Kleine bloedingen in het oog Zeldzaam
Tijdelijke verslechtering van het zicht Komt soms voor
Beschadiging van de kunstlens Zeer geringe kans
Netvliesloslating Zeer zeldzaam

Neem direct contact op met je oogarts bij plotseling veel meer floaters, lichtflitsen, een “gordijn” in beeld of snel toenemende pijn of roodheid. Dit zijn geen symptomen van nastaar, maar wijzen op andere, urgentere oogproblemen.

Veelgestelde vragen over nastaar

Kan nastaar vanzelf verdwijnen?

Nee, nastaar verdwijnt niet vanzelf. Het ondoorzichtig laagje op het achterste lenskapsel blijft aanwezig totdat het met een YAG-laser wordt geopend. Oogdruppels, supplementen of brillen kunnen de vertroebeling niet wegnemen – ze maskeren hooguit de klachten. Een laserbehandeling is nodig om het zicht structureel te verbeteren.

Komt nastaar na een laserbehandeling terug?

Tijdens de nastaar behandeling wordt een blijvende opening in het kapsel gemaakt. Nastaar kan daardoor op die plek meestal niet opnieuw ontstaan. Het is zeer zeldzaam dat een tweede behandeling nodig is; als dat voorkomt, komt het vaak door restweefsel dat zich langs de randen van het gaatje vormt. Krijgt je jaren later opnieuw klachten? Laat dan altijd een nieuw oogonderzoek doen om de oorzaak vast te stellen.

Doet een nastaarbehandeling pijn?

Het oog wordt vooraf verdoofd met oogdruppels, waardoor de meeste mensen hooguit lichte druk of korte lichtflitsjes ervaren – maar geen echte pijn. De laser maakt het gaatje terwijl je zittend achter het apparaat plaatsneemt, vergelijkbaar met een gewoon oogonderzoek. Enig napijn of een zanderig gevoel kort na de behandeling is mogelijk, maar verdwijnt meestal snel.

Wordt een nastaarbehandeling vergoed door de zorgverzekeraar?

Een nastaarbehandeling valt in Nederland doorgaans onder medisch specialistische zorg en wordt in veel gevallen (deels) door de basisverzekering vergoed. Vraag altijd vooraf bij je eigen zorgverzekeraar na welke vergoeding en welk eigen risico voor jou gelden. Kosten kunnen per zorgverzekeraar en kliniek verschillen.

Wanneer moet ik met mijn klachten naar een oogarts?

Iedereen die maanden tot jaren na een staaroperatie opnieuw last krijgt van wazig zicht, minder contrast of hinderlijke schitteringen, kan het beste een oogarts raadplegen. Acute klachten zoals plotseling heftig wazig zien, pijn, roodheid, lichtflitsen of een “gordijn” in het beeld zijn spoedklachten die dezelfde dag beoordeeld moeten worden. Wees gerust: nastaar is in de meeste gevallen goed en snel te behandelen zodra de diagnose is gesteld.